De gemeente Tytsjerksteradiel heeft met de bezuinigingen een keuze: pakken we prestigieuze projecten aan, of kiezen we voor de weg van de minste weerstand door het toepassen van de kaasschaafmethode en het samenvegen van de kruimeltjes? Hieronder vindt u de mening van GrienLinks.

De gemeente Tytsjerksteradiel moet net als alle andere gemeenten bezuinigen, duidelijk is dat er minder geld van het Rijk richting gemeenten komt en dat daarnaast meer taken door de gemeenten uitgevoerd moeten gaan worden. Er is een ombuigingsoperatie nodig om de begroting sluitend te maken. Het college heeft, zoals afgesproken met de raad, zoveel mogelijk ombuigingsmogelijkheden (een mooi woord voor bezuinigingsvoorstellen) in beeld gebracht. Ook suggesties die door de burgers zijn ingebracht zijn daar deels in meegenomen. Op dit moment ligt er een pakket van ruim 2,6 miljoen aan ombuigingsmogelijkheden, terwijl er 1,8 miljoen nodig is om tot een sluitende begroting in 2014 te komen. Dit is door het college bewust zo gedaan, het geeft de raadsleden de mogelijkheid keuzes te maken. Het lastige aan het geheel  is dat de ombuigingsmogelijkheden op puur economisch gronden samengesteld zijn. Er is bij voorbeeld helemaal niet gekeken naar wat de gevolgen van een economische bezuiniging zijn op maatschappelijk en/of sociaal terrein, wat het betekent in de praktijk en of een bezuiniging via een andere route weer nieuwe uitgaven tot gevolg heeft.

Op 13 en 15 januari hebben organisaties, verenigingen, instellingen en burgers kunnen inspreken. Zij hebben kunnen aangeven waarom er volgens hen niet op een bepaalde post bezuinigd moet worden. Van deze gelegenheid is goed gebruik gemaakt. Veel insprekers vertegenwoordigden verenigingen die naast bijdragen van de gemeente volledig draaien op inzet van vrijwilligers. Deze verenigingen dragen op de een of andere manier bij aan de leefbaarheid in de dorpen. Het college wil, ook in het kader van het WMO beleid, graag dat burgers zich in zetten voor de “mienskip”. Dat kan natuurlijk alleen als hier op de een of andere manier waardering voor is en er faciliteiten voor zijn. Onbetaald werk is van onschatbare waarde voor de samenleving. Toch wordt aan dit werk niet dezelfde waardering toegekend als aan betaald werk. Voor economen telt werk alleen mee als het betaald wordt. Jammer dat het college ondanks de net vastgestelde participatienota nog niet voldoende van het belang van vrijwilligerswerk voor de gemeente blijk geeft. Vrijwilligerswerk is geen bodemloze put. Een goede balans tussen betaald en onbetaald werk is een noodzakelijke basis. Bij veel van de voorgestelde bezuinigingen op verenigingen gaat het om relatief kleine bedragen die geen zoden aan de dijk zetten qua ombuiging, kruimels dus, maar die veel betekenen voor de mensen die deze ondersteuning ontvangen. Bovendien spreekt uit bezuinigingsvoorstellen op dit terrein geen waardering voor getoonde inzet en voor de bijdrage aan het leefbaar houden van de dorpen. Daarnaast denken wij dat uit veel genoemde subsidies en ondersteuning de meeste rek al gehaald is en vinden dat voorzieningen waar veel mensen zich onbetaald voor inzetten en die bijdragen aan ‘mienskipsin’ moeten blijven bestaan. Gebeurt dit niet dan komen veel taken op de lange duur weer bij de gemeente op het bordje te liggen.
Een aantal van de insprekers noemde terecht dat er goed naar de samenhang gekeken moet worden bij deze operatie. Daar willen wij ons van harte bij aansluiten. Het is de taak van raadsleden om te kijken naar de samenhang en de gevolgen van voorgestelde bezuinigingen en daarbij het belang van alle burgers in beeld houden.

Wij willen nog het volgende opmerken. Het college verwacht van de burgers creativiteit, ze wil graag dat burgers met voorstellen en  “oplossingen”  komen. Voor GrienLinks is economie meer dan geld alleen,  economie is ook geluk en welzijn. Graag zou GrienLinks op haar beurt dan ook wat creativiteit van het college willen zien. Van een college dat nieuwe ideeën en vormen van burgers vraagt kan tenslotte worden verwacht dat ze zelf het goede voorbeeld geeft door ook te zoeken naar nieuwe vormen van beleid in plaats van met de kaasschaaf overal 10 % of meer af te schaven. Dit vraagt van het college een andere, nieuwe manier van kijken en denken. Niet alleen integratie van zorg in de samenleving maar ook in beleid en denken. Wij denken dat een beleid waar zorg voor elkaar centraal staat bijdraagt aan welzijn en welbevinden. En met zorg bedoelen we dan niet alleen zorg voor jezelf en voor de ander, maar ook de zorg voor dieren (dierwelzijn), natuur en milieu (duurzaamheid). Deze centrale plaats voor zorg binnen het economisch stelsel leidt tot een betere verdeling van waardering omdat niet alles meer in economische termen wordt uitgedrukt.
Wie en wat  door de gemeenten ondersteund wordt en hoe dat gebeurt is een kwestie van wat we met elkaar afgesproken hebben. Het college vertegenwoordigt een meerderheid van de burgers en heeft in visies en nota’s beleid uitgezet. Er is bijvoorbeeld een prachtige duurzaamheidnota opgesteld, een participatienota waar alle raadsleden blij mee zijn, een sportvisie, de gemeente wil Fair Trade gemeente worden en is Millenniumgemeente. Aan dit ingezette beleid wordt nu fors getornd. Wij denken dat als uitgegaan wordt van de specifieke vraag en behoefte van mensen en de nota’s op elkaar betrokken worden er waardevolle resultaten behaald kunnen worden.
Hoe staan wij in deze operatie:
Wij maken ons sterk voor een geïntegreerd beleid voor alles wat kwetsbaar is, voor duurzaamheid, voor participatie van iedereen door te kijken naar de mogelijkheden van een individu in plaats van het toepassen van een standaardpakket.  Kortom wij komen op voor de zwakkere in de samenleving. Bezuiniging op minimabeleid is geen optie, wij doen dat liever op prestige projecten.
Ook komen wij op voor de bibliotheek, een van de wat grotere bezuinigingsposten. Wij vinden dat deze belangrijke voorziening toegankelijk moet blijven voor alle burgers, jong en oud, want  lezen is van onschatbare waarde. Daarnaast vervult de bibliotheek een belangrijke sociale functie in dorp en buurt en draagt dus bij aan de leefbaarheid van een dorp.
Natuurlijk zijn wij voorstander van het efficiënter regelen van zaken, hergebruik waar mogelijk en zorgen dat energie niet verspild wordt, zowel brandstof als menselijke energie op alle terreinen. 
Deze ombuigingsoperatie is een keuze. Zoals het kiezen voor de Centrale As en de robuuste uitbreiding Burgum West ook een keuze is. Het college moet zich goed realiseren dat ze met deze weg indirect gekozen heeft voor afbraak van het voorzieningenniveau. Ze wil nu met het vegen van kruimeltjes de noodzakelijke ombuiging realiseren. Dit terwijl ze een grote slag kan slaan door te kiezen voor de alternatieve As en het plan Burgum West aan te passen. Voortschrijdend inzicht leert…